Aardappelchips in Rwanda: Hollanda Fairfoods

‘Er is een fonds dat Agricultural Sustainable Development Fund heet, ASDF. Als jullie geïnteresseerd zijn, kunnen jullie je aanmelden’, hoorde Thijs Boer van een medewerker van de Nederlandse ambassade.

Aan het woord is de oprichter en managing director van Hollanda Fairfoods. Boer kwam er tijdens zijn afstudeeronderzoek naar ondernemerschap en aardappelboeren in Rwanda achter dat de aardappelindustrie daar nauwelijks ontwikkeld is. Terwijl er veel vruchtbare grond en landbouw in het land voor handen is. Wat blijkt? De investeringen zijn te hoog en het is te moeilijk om goede machines te vinden.

Over Hollanda Fairfoods

Hollanda Fairfoods is een bedrijf opgezet in Rwanda door de Nederlander Thijs Boer. In 2014 begint hij met investeren in Nederlandse aardappelverwerkingsmachines die bruikbaar zijn voor de Afrikaanse markt. Daaruit ontstaat het idee de 1e aardappelchipsfabriek van Rwanda te starten: Winnaz. Hollanda Fairfoods heeft nu 52 werknemers, voornamelijk gevestigd in Rwanda. Het bedrijf is actief in Rwanda, Oeganda en de Democratische Republiek Congo maar wil dit jaar ook de markten van Kenia en Tanzania betreden.

Links Thijs Boer, rechts Celestin Iyakaremye

Betere aardappelsector

'Na de genocide, begin jaren 90, is Rwanda volop in ontwikkeling en daarmee ook de industrie. Ondanks dat de economie nog verder moet groeien, verandert het land in een enorm tempo’, aldus Thijs.

In Rwanda is Hollanda Fairfoods dé partner voor verbetering en ontwikkeling van de aardappelsector. De focus lag bij de start vooral op financiering van goede machines en kennisuitwisseling tussen Nederland en Rwanda. Nu ondersteunt het bedrijf lokale boeren bij het telen van goede aardappelen, verbetering van kwaliteit en verhoging van oogsten. Boeren krijgen daardoor een beter inkomen en Hollanda Fairfoods betere producten om chips van te maken.

Met hulp van de ambassade

De Nederlandse ambassade in Rwanda was de eerste partij waarmee Hollanda Fairfoods contact had om te bespreken hoe zij zaken konden doen in Rwanda. Via het netwerk van de ambassade kreeg het bedrijf toegang tot belangrijke personen bij de overheid. Er ontstond een intensieve samenwerking. Een half jaar nadat de startup zich inschreef voor het Agricultural Sustainable Development Fund kreeg het te horen dat zij in aanmerking kwam voor financiële steun. In 2015 is Hollanda Fairfoods daadwerkelijk actief op de Rwandese markt. Na een jaar begint het met de regionale export naar buurlanden zoals Oeganda en de Democratische Republiek Congo. De ambassade in Oeganda is ook betrokken en helpt daar bij het opzetten van het bedrijf en ondersteunt bij het presenteren van Hollanda Fairfoods’ producten tijdens evenementen.

In Rwanda helpt de ambassade met het verkrijgen van goede aardappelen in het land. Ook verbindt zij het bedrijf aan andere projecten en initiatieven die plaatsvinden in Rwanda en Oeganda. ‘De ambassadeur en landbouwraad informeren mij geregeld in formele en informele setting, vertelt Thijs Boer. ‘De ambassade is altijd behulpzaam en adviserend, maar ik houd de ambassade ook op de hoogte van de ontwikkelingen van ons bedrijf. Zowel positief als negatief.'

Tips voor zaken doen in Rwanda

  1. ‘Doe vooraf zelf onderzoek’, raadt Thijs aan. ‘Als ondernemer moet je je goed voorbereiden, door eerst de markt en het systeem te verkennen. De overheid probeert het systeem op een transparante manier neer te zetten. Dit betekent dat er gebruik wordt gemaakt van specifieke processen en regels, waarvan je goed op de hoogte moet zijn voordat je met je bedrijf begint.  

  2. Zoek een goede accountant zodat je zeker weet dat je belastingtechnisch geen fouten maakt. In Rwanda wordt alles goed geregistreerd en gecontroleerd. Schakel iemand in die de systemen en de lokale regelgeving voldoende kent.

  3. Weet verder dat overheidsinstanties goed bereikbaar zijn. Als je een urgent probleem hebt, kun je snel de juiste persoon spreken. De Rwandese Kamer van Koophandel (Rwandan Development Board) bijvoorbeeld is heel toegankelijk. Zorg wel dat je contact zoekt met iemand die hoog in rang is.’

‘Wees niet te direct’, sluit Boer af. ‘De Rwandese overheid doet zijn best het land op te bouwen. De voorzieningen worden steeds beter. Er gaat steeds meer via het internet. Bespreek een meningsverschil liever in een persoonlijk gesprek. Dan merk je dat de overheid bereid is serieus naar je te luisteren en naar oplossingen te zoeken.’