Ambassadeurs van Duitsland en Nederland brengen meerdaags werkbezoek aan de EUREGIO

Wepke Kingma, Nederlands ambassadeur in Duitsland en Dirk Brengelmann, de Duitse ambassadeur in Nederland, brengen een uniek werkbezoek van meerdere dagen aan de EUREGIO. Met presentaties en gesprekken in Münster, Enschede en Vreden/Achterhoek laat de regio zien dat het ‘uitgummen’ van grenzen belangrijk is voor de economische ontwikkeling van het gebied. Het bezoek moet de EUREGIO in de richting van ‘Berlijn’ en ‘Den Haag’ nog nadrukkelijker onder de aandacht brengen.

Het versterken van grensoverschrijdende samenwerking in de Europese grensregio’s is een belangrijke factor in het versterken van de regionale economie. “Onderzoek in opdracht van de Europese Commissie laat zien dat door het wegnemen van belemmeringen, de economie langs de grenzen tot 8% extra kan groeien. Voor heel Europa betekent dat enkele miljoenen extra banen, voor onze regio praten we over tienduizenden banen op verschillende niveaus”, geeft Oberbürgemeister Markus Lewe van Münster de ambassadeurs aan het begin van het bezoek mee.

In december 2018 hebben de overheden in de regio Münsterland, Twente en de Achterhoek in een memorandum vastgelegd intensiever samen te werken om het gebied, als één stedelijke agglomeratie, op de kaart te zetten. “Daarmee kan de regio gezien worden als voorloper en proeftuin voor andere Europese grensregio’s. De kennis en ervaring die we hier opdoen kan ook andere gebieden in Europa verder helpen”, aldus Rob Welten, voorzitter van de EUREGIO.

Het werkbezoek begint in Münster met een sprekend voorbeeld van geslaagde grensoverschrijdende samenwerking: het Duits-Nederlandse legerkorps is in de afgelopen 25 jaar uitgegroeid tot een volledig geïntegreerd en vanzelfsprekend onderdeel van de krijgsmacht.

Aansluitend spreken de ambassadeurs met studenten over kansen en belemmeringen die zij ervaren in grensoverschrijdend onderwijs. Vastgesteld wordt dat kennisinstellingen aan weerszijden van de grens steeds vaker en beter samenwerken en dat studenten de weg naar opleidingen aan de andere kant van de grens goed weten te vinden. Wel wordt aandacht gevraagd voor de wederzijdse erkenning van diploma’s. Met name voor MBO-opleidingen in de Zorg en Kinderopvang is de situatie verre van ideaal.

Tijdens de treinreis van Münster naar Enschede op dinsdagmiddag wordt uitvoerig stil gestaan bij het belang van goede bereikbaarheid. De reis zelf laat zien dat op dit onderwerp nog veel winst te halen is. Ook in het streven de externe bereikbaarheid, van en naar de regio, te verbeteren trekken de Duitse en Nederlandse overheden gezamenlijk op. “Betere bereikbaarheid is nodig om economische kansen maximaal te kunnen benutten en daarmee het woon- en werkklimaat en het voorzieningenniveau op een hoog peil te houden”, geeft Onno van Veldhuizen, voorzitter van Regio Twente aan: “Dat geldt niet alleen voor onze eigen inwoners, maar ook voor het talent dat we willen aantrekken en behouden om deze grensregio economisch sterker te maken”.

Een goed voorbeeld van de manier waarop kennisinstellingen, bedrijven en de overheid samenwerken aan het versterken van de grensoverschrijdende regionale economie, wordt duidelijk tijdens het bezoek aan Enschede. Dinsdagmiddag maken de beide ambassadeurs kennis met Technology Base Twente. Op de voormalige luchtmachtbasis Twenthe ontwikkelt zich, op initiatief van de provincie Overijssel en gemeente Enschede, een ecosysteem van technologische bedrijven, kennisinstellingen en publieke organisaties gericht op het ontwikkelen, testen en toepassen van nieuwe materialen en vernieuwende productietechnologie.

Bij Space53, een publiek/private samenwerking gericht op het ontwikkelen, testen en toepassen van onbemande systemen zoals drones, wordt ingegaan op de ambitie om van Enschede de drone-hoofdstad van Europa te maken. Space53 werkt daarbij samen met kennisinstellingen, bedrijven en overheden in binnen- en buitenland. Samen met de Duitse en Nederlandse brandweer en andere hulpdiensten wordt de inzet van drones in het monitoren en bestrijden van crisissituaties onderzocht.

Dinsdagavond staat in het teken van grensoverschrijdend ondernemen en schuiven vertegenwoordigers van het Duitse en Nederlandse bedrijfsleven aan tafel. Eensgezind zijn de gesprekspartners over het belang van het voorkomen en oplossen van ogenschijnlijk eenvoudige, maar soms ook verstrekkende problemen waar bedrijven mee te maken krijgen. Het afstemmen van de toekomstige plannen over zomer- en wintertijd is daarvan een mooi voorbeeld.

Dat Duitse en Nederlandse kennis- en onderzoeksinstituten en het bedrijfsleven elkaar weten te vinden en versterken wordt woensdagmorgen duidelijk bij de Universiteit Twente. Op de innovatiecampus Kennispark Twente werken het Fraunhofer Project Center en het Max Planck Research Instituut intensief samen met de universiteit en de daar gevestigde tech-bedrijven. Novel-T geeft als aanjager en verbinder het innovatie-ecosysteem de nodige stimulans om Twente in de Top 3 van meest innovatieve regio's te houden.

Het bezoek van de ambassadeurs wordt in het Duitse Vreden afgesloten met presentaties over de kansen die een grensoverschrijdende arbeidsmarkt werkgevers en werknemers te bieden heeft. Op het gebied van arbeidsbemiddeling zetten Grenswerk Gronau/Enschede en het Werkgeversservicepunt Achterhoek zich in om werkgevers en werknemers wegwijs te maken. “De afgelopen jaren hebben honderden mensen een baan aan de andere kant van de grens gevonden, maar zonder grensbelemmeringen kan dat aantal nog fors omhoog” geeft Burgemeester Joris Bengevoord van Winterswijk aan. Ook hier geldt dat onnodige verschillen in wet- en regelgeving, maar ook ontbrekende kennis van de wederzijdse taal en cultuur, het vrije verkeer van vraag en aanbod in de grensstreek dwars zit. Landrat Kai Zwicker, plaatsvervangend voorzitter van het EUREGIO-bestuur daarover: “Dat is de reden waarom we in de EUREGIO met het project ‘Spreek je buurtaal’ al op de basisscholen aandacht besteden aan het leren kennen van elkaars taal en cultuur. Dat uit zich ook in een vrijwillig netwerk van Nederlandse en Duitse gemeenten, bedrijven en culturele organisaties in het project Grenzhoppers”. Sinds september 2018 is er ook een Grenzhoppers School waar ondernemers die over de grens zaken (willen) doen, kunnen worden bijgeschoold op het gebied van taal, marketing, communicatie, personeelsbeleid en financiën.

Het meerdaagse bezoek van de ambassadeurs van Nederland en Duitsland aan de EUREGIO laat zien dat ook op nationaal niveau het toenemend belang van grensoverschrijdende samenwerking herkend wordt. “Het is heel bijzonder om met collega Brengelmann in enkele dagen over kansen en bedreigingen die in de grensregio spelen, bijgepraat te worden. Wij zijn beide nauw betrokken bij de grensoverschrijdende samenwerking, ook omdat onze beide regeringen daar groot belang aan hechten. In de gesprekken die we gevoerd hebben met de vele mensen die zelf actief zijn, wordt duidelijk wat de regio zelf doet en kan doen en waar provinciale en landelijke overheden kunnen helpen met het ‘uitgummen’ van de grenzen”, zegt ambassadeur Kingma aan het eind van het bezoek. De Duitse ambassadeur Brengelmann vult aan: “Het is niet voor het eerst dat ik op bezoek ben in de EUREGIO en opnieuw ben ik weer verrast door de ambitie, creativiteit en inzet van kennisinstellingen, bedrijven en overheden om samen werk te maken van grensoverschrijdende samenwerking. Het is iedere keer weer van waarde om de praktijk van de grens voelen en te ervaren en oplossingen voor beide landen dichterbij te brengen. In deze regio kun je goed zien wat Europa met open grenzen voor onze inwoners betekent”.

Bezoek ambassadeur aan Euregio

Groepsfoto bij Space53